Inleiding rijprocedure

Inleiding rijprocedure 2010 (totaal herziene versie met de nieuwste aanpassingen voor het rijexamen):

(Bezoekers kunnen niet alle onderdelen van de rijprocedure lezen. Registreer je daarom snel. Dan lees je alles.)

De rijprocedure:

Doel:

– voor de rijopleider een leerdoel,
– voor de examinator een beoordelingsinstrument,
– voor de rijbewijsbezitter een naslagwerk.

Ontstaan:

– o.a. doordat op bepaalde onderdelen instruktie en wetgeving onvoldoende was.
b.v. nergens staat in de wet hoe je precies moet in- en uitvoegen.
Tevens heeft bureau Traffic test een onderzoek gedaan naar het oude beoordelingsysteem.
Hieruit is het nieuwe ontstaan zoals het nu is.
Het is gedaan in overleg met de Bovag, het CBR, defensie en de politie.
De rijprocedure is bebaseerd op actule verkeerswetgeving.

Structuur:

Hoofdstuk 1 bevat de bediening van het voertuig. (rijklaar maken en bediening van het voertuig)
Hoofdstuk 2 bevat de bestuurder. (veilig en juist deelnemen aan het verkeer)
Hoofdstuk 3 bevat de examenonderdelen. (zie hoofdstukindeling)
Tenslotte zijn er nog de onderwerpen van beoordeling.

Toepassing:

Het is de bedoeling dat de beoordelingsrichtlijnen uit deze procedure unifom worden toegepast door examinatoren. Dat maakt de procedure enerzijds heel strak, maar anderzijds kunnen we ons er ook zelf precies aan houden zodat we geen problemen krijgen met de beoordeling.
Overigens is men vanaf 2008 weer wat teruggezakt naar de totaalbeoordeling en beoordeelt men minder op incidenten.

Zoals gezegd bevat de rijprocedure het meest wenselijke rijgedrag.
Het is de bedoeling dat de examinator gaat bekijken waar jij als kandidaat afwijkt van die norm die in het boekje staat. Afwijken doe je namelijk altijd, want je rijdt nooit precies ‘by the book’ natuurlijjk.
Hierbij zijn de volgende zaken van belang:

De Aard van de fout (concrete nalatigheid).
De Ernst van de fout (de mate waarin wordt afgeweken).
Het X-aantal malen (dat de fout voor komt).

Deze noemen we ook wel de AEX (Aard, Ernst en X-aantal malen).

Algemeen:

De rijprocedure is een boekje dat elke examinator moet gebruiken bij de beoordeling van jouw rijgedrag op het examen. In dat boekje staat het meest wenselijke rijgedrag. Natuurlijk voldoet niemand aan al die eisen en kan niemand geheel volgens dat boekje rijden. Iedereen maakt immers fouten. Toch moeten we proberen dit niveau wel te benaderen.
Tijdens het examen zal de examinator dus altijd afwijkend gedrag zien en zal dat afwegen tegen hetgeen in die procedure staat. Dan volgt zijn beslissing: gezakt of geslaagd.
Gelukkig ben je niet geheel overgeleverd aan de grieven van je examinator, want er staat veel informatie in dat boekje en de regels zijn vrij duidelijk. Zo staat er bijvoorbeeld precies in hoe er gekeken dient te worden bij het invoegen op de autosnelweg. Daarmee kan jij je voordeel doen. We zullen eens kijken hoe dit boekje in elkaar zit.
Tegenwoordig kijkt men niet meer naar incidentele fouten, maar beoordeeld met meer op het totaal. Het gaat er tenslotte om dat men te weten komt of het veilig genoeg is om jou met een auto alleen de weg op te sturen.

Bij de beoordeling van de examenkandidaat wordt uitgegaan van het zogenaamde itembeoordelingsysteem.
Dit betekent dat het examen een bepaald aantal onderdelen bevat met daarbij een aantal items van beoordeling.
Hieronder zetten we die voor je op een rijtje:

7 Examenonderdelen:

  • Wegrijden
  • Rechte en bochtige weggedeelten
  • Kruispunten/afslaan
  • Invoegen – Uitvoegen
  • Inhalen / Zijdelingse verplaatsingen
  • Gedrag nabij en op bijzondere weggedeelten
  • Bijzondere manouvres

Tijdens de les ben je altijd bezig met een van die examenonderdelen en die wisselen elkaar snel af. We nemen een voorbeeld. We rijden weg bij het examencentrum (onderdeel ‘wegrijden’). Dan komen we op de weg en gaan daar rijden (onderdeel ‘rechte en bochtige weggedeelten’). We komen op een kruising en steken die over (onderdeel ‘kruisingen’). Er staat een auto op de weg geparkeerd die wij voorbij rijden (onderdeel ‘inhalen – voorbijgaan’), etc… Je snapt het idee?

TIP: Probeer tijdens de les die onderdelen te herkennen!

Bij elk examenonderdeel hebben we de 13 zogenaamde items van beoordeling.

  • Rijklaar maken en bediening / beheersing
  • Milieubewust rijgedrag
  • Aangepast en besluitvaardig rijden
  • Belangen andere weggebruikers
  • Kijkgedrag
  • Voorrang verlenen / voor laten gaan
  • Plaats op de weg
  • Afstand houden
  • Snelheid
  • Reageren op verkeerslichten/aanwijzingen
  • Reageren op overige tekens
  • Geven van/ reageren op signalen
  • Vertragen / remmen / stoppen

Natuurlijk is het zo dat niet elk item bij de beoordeling even belangrijk is. Om die reden zal ik nu aangeven wat wel wat niet niet essentieel is bij de beoordeling van de examenonderdelen. Doe hier je voordeel mee!

Bij de bijzondere manouvres is voertuigbeheersing een essentieel item van beoordeling!
Je mag dus tijdens het parkeren niet opeens de stoep opschieten of de controle verliezen tijdens het keren.
Beheersing van het voertuig is aan de orde als de kandidaat over een totaal onvermogen beschikt om het voertuig te beheersen of onvoldoende stuurvast is. M.n. dat laatste kan je op de snelweg goed zien en dan m.n. bij het invoegen!

Bij alle examenonderdelen kan aangepast/besluitvaardig worden aangekruist. Van niet aangepast gedrag is sprake wanneer de kandidaat te traag door het verkeer rijdt. Van niet besluitvaardig is sprake als de kandidaat geen beslissing durft te nemen en dat wanneer hij dat wel doet, dit meestal op het verkeerde moment is.
Kortom: lekker doorrijden op je examen en overal de maximumsnelheid rijden waat dat kan. Vlot met het verkeer mee.
Tevens durven besluiten en initiatieven te nemen. Als je voorrang hebt, zet je dus wat door met de auto. Als je voorrang moet verlenen, maak je dit kenbaar door je snelheid aan te passen.
Voor de duidelijkheid: vlot rijden is wat anders dan hard rijden. Besluitvaardigheid en voorzichtigheid gaan best samen!

Belangen andere weggebruikers, kijkgedrag en voorrang verlenen/ voor laten gaan zijn vrijwel altijd essentieel!

Kijk verder bij alle hoofdstukken die op deze site staan geschreven wat belangrijk wordt geacht bij het examen. Daar zal je veel van de informatie hier beschreven terug kunnen vinden.

Hoofdstuk 1: Bedrevenheid in rijklaar maken en bediening van het voertuig.

We zullen hier niet te diep op in gaan. Kern is dat bij de beoordeling alle aspecten van hoofdstuk 1 en 2 van de rijprocedure worden meegenomen en worden getoetst aan de bekende AEX. (zie inleiding). De Aard, de Ernst en het X-aantal malen van de voorgekomen fout.

Wat moet je kunnen en waar let de examinator op?

1.) Goede bediening van de koppeling en het schakelmechanisme.
2.) De juiste bediening van gas en rempedaal.
3.) De bediening van de hulpapparatuur zoals b.v. de ruitenwissers en de verlichting.
4.) De beheersing van het voertuig is bijzonder belangrijk. Bij twijfel zak je!
Het is onvoldoende als:

  • duidelijk blijkt dat je het voertuig totaal niet beheerst. Dit moet duidelijk te zien zijn in jouw rijden.
  • je niet stuurvast bent. Je wijkt van je koers af bij het kijken of het schakelen.

Let op het laatste vooral bij het rijden met hoge snelheden, het invoegen en de autosnelweg!

Dieper zullen we niet op dit hoofdstuk in gaan. Dit is de kern van dit hoofdstuk.


Hoofdstuk 2: Op juiste en veilige wijze deelnemen aan het verkeer

Je zult hier vooral je verkeersinzicht moeten laten zien.
Bij alle handelingen moet je zo reageren dat niet overdreven gestuurd of geremd hoeft te worden. Tijdig reageren op de signalen uit het verkeer is hierbij van belang. Je moet een inschatting kunnen maken van het gedrag van een ander op basis van de informatie die je hebt verkregen door de juiste toepassing van de kijktechniek.

Aangepast en besluitvaardig rijden!

Aangepast is aangepast aan de omstandigheden. Als je niet aangepast rijd tijdens je examen (te langzaam), word je gewezen op dit rijgedrag zodat je dit kunt verbeteren. De examinator geeft dit 2 keer aan tijdens de rit als dit noodzakelijk is. Je kunt dan je rijgedrag nog aanpassen. Let dus goed op zijn of haar woorden tijdens die examenrit!

Besluitvaardigheid is aan de orde als kandidaten bijvoorbeeld een kruising niet over durven te steken. Ze staan dan te lang te wachten en als ze uiteindelijk gaan, nemen ze vaak toch een verkeerd moment.

Belangen andere weggebruikers!

Let erop dat je sociaal weggedrag vertoont.

We houden het hierbij. De rest kan je lezen in de rijprocedure zelf.
Snel door naar de examenonderdelen zelf in hoofdstuk 3!


Hoofdstuk 3: De examenonderdelen!

Er zijn een aantal examenonderdelen. Deze moeten allemaal voldoende zijn, dus mag geen enkel onderdeel onvoldoende zijn. Dat betekent dus niet dat er geen fouten gemaakt mogen worden, maar als een onderdeel zoveel fouten bevat dat het onderdeel onvoldoende is, is het examen onvoldoende en dat betekent gezakt voor het examen.

Per examenonderdeel zal worden aangegeven wat de kritieke beoordelingspunten zijn en waar je dus precies op kunt zakken. Op alle examenonderdelen zijn de items van beoordeling van toepassing. We zullen dit nader uitleggen.
Stel dat je bijvoorbeeld bij het afslaan een fietser over het hoofd ziet die je voor had moeten laten gaan.
Dan komt dat op het formulier als volgt te staan:
Examenonderdeel: KRUISPUNTEN.
Item van beoordeling: VOORRANG, VOOR LATEN GAAN.

Alle items van beoordeling staan in de lijst vermeld.

Let op: sommige examenonderdelen komen vaker voor dan anderen. Zo steek je bijvoorbeeld heel vaak een kruispunt over, maar voeg je doorgaans maar 1 keer in op je examen. Dat laatste moet dan wel in 1 keer goed gaan, anders is het mis.

Zo en dan nu snel door naar alle examenonderdelen te beginnen met het onderdeel ┬┤wegrijden┬┤.
Per examenonderdeel zullen de essentiele items van beoordeling ook worden aangegeven. Let met name goed op die items. Zo kan je zelf ook beter beoordelen of je aan deze procedure kunt voldoen.