Autorijden versus emoties

Mijn stelling is altijd ‘emoties laat je thuis als je gaat auto rijden’ en daar moet je heel streng in zijn.

Natuurlijk kun je je dag niet hebben, heb je ruzie gehad met je vriendin, zijn je ouders boos op je en heb je net gehoord dat je gezakt bent voor je schoolexamen.
Maar het kan nog veel erger. Je moeder is opgenomen in het ziekenhuis, je ouders gaan scheiden of je oma is net overleden. Dat kan vlak voor een rijles aan je vreten.

En dan stap je in en het eerste wat je doet is je instructeur vertellen wat je mee hebt gemaakt en anders komt dat in de eerste 5 minuten van de les wel ter sprake. Vertelt de leerling dat niet zelf heb ik daar als instructeur een goede antenne voor die deze signalen op pikt. Ik merk in de regel onmiddellijk dat er iets mis is met de kandidaat.
Je kunt luisteren naar je leerling. Je kunt begrip hebben voor zijn situatie en je kunt een verklaring geven voor de slechte prestatie die les in de auto, maar je tegenligger heeft hier geen boodschap aan. Dat kind dat net vandaag voor je auto over steekt weet daar niks van. Die irritante automobilist die zit te bumperkleven weet niet dat jij daar zo zenuwachtig van wordt en iedereen verwacht van jou dat jij je zult gedragen zoals verwacht: sociaal, veilig, zelfstandig en aangepast. Dat is moeilijk in die situatie, maar wel noodzakelijk.
In mijn begeleiding van leerlingen en volwassenen met bijvoorbeeld rijangst speelt juist emotie een grote rol. Angst is emotie en irritatie is emotie. Verdriet is emotie evenals blijdschap. Dat is geen nieuws. Het nieuwe voor leerlingen is dat ze zich bewust moeten worden van die emoties en die geen invloed laten hebben op het auto rijden en dat geldt vanzelfsprekend ook voor het praktijkexamen. Emoties maken je tot wie je bent. Een mooi en uniek mensen. Ze horen nu eenmaal bij jou en ja, daar kun je wel wat aan doen!

Mijn stelling is en blijft: ‘emoties laat je thuis als je gaat auto rijden’ en daar moet je heel streng in zijn.